EBIDAT - Die Burgendatenbank

Menu

Enspijk, Huis te

Geschichte:

Mogelijk is het huis te Enspijk al vanaf de stichting, mogelijk in de vijftiende eeuw, een allodiaal goed geweest. Vermoedelijk is het gesticht door een lid van de familie Pieck. Deze familie was vanaf het begin van de vijftiende eeuw in het bezit van goederen te Enspijk. Het huis bleef in de familie Pieck tot 1763, toen Anne Frans Willem Pieck, laatste telg uit de familie Pieck, heel zijn goederencomplex te Enspijk, waaronder het allodiale 'hooghuis', verkocht aan Christiaan Kleinhoff. Het vererfde vervolgens op diens dochter Anna Christina.
Begin negentiende eeuw werd Enspijk aangekocht door de graaf van Bylant van Marienweerd, die het huis in 1828 heeft laten slopen.

Bauentwicklung:

Over de middeleeuwse gedaante van het kasteel te Enspijk is niets bekend. De vroegste afbeeldingen dateren uit de 18de eeuw, te weten een tekening van Jan de Beijer uit 1750 en van Cornelis Pronk uit 1728. Beide tekeningen zijn genomen vanuit het zuidwesten. Een combinatie van deze tekeningen met de kadastrale minuut van 1826 levert het volgende beeld op: de hoofdburcht bestond uit een omgracht terrein met aan de zuidzijde bebouwing. Deze bebouwing bestond uit een L-vormig gebouw van twee bouwlagen boven een kelder, een vleugel evenwijdig aan de zuidzijde (de voorzijde gezien vanaf de voorburcht) en een vleugel aan de oostzijde. Tegen de oostzijde bevond zich over de volle lengte een aangekapte aanbouw van één bouwlaag. De ingang van het kasteel bevond zich in een, in de gracht uitgebouwde, poorttoren van twee bouwlagen. De vleugel, haaks op de vleugel met de poorttoren, is later aangebouwd. Waarschijnlijk hebben we hier te maken met twee bouwfasen, een diepe vleugel met een in- en uitzwenkende gevel met haaks daarop een vleugel met een schoudergevel. Bij deze tweede fase hoort ook de aangebouwde poorttoren, die traditionele details bevat. In de binnenhoek bevond zich een lagere keukenaanbouw. Datering globaal in de tweede helft van de zestiende eeuw (hoofdvleugel) en het eerste kwart van de zeventiende eeuw (aangebouwde haakse vleugel).
Ten zuiden van de hoofdburcht bevond zich de voorburcht, bereikbaar via een brug aan de westzijde. Op deze brug stond een vierkant poortgebouw.

Baubeschreibung:

Hoewel er van het kasteel 18de-eeuwse afbeeldingen bestaan, is daaruit geen oorspronkelijke typologie af te leiden.
Het kasteel bevatte een hoofd- en een voorburcht. De maat van de hoofdburcht inclusief de grachten was 50 x 63 m. De maat van de voorburcht is niet te geven door gebrek aan gegevens. Het kasteel had een maat van 20 x 15 m bij een onregelmatige plattegrond. De maten zijn ontleend aan de kadastrale minuut van 1826.
De vroegste afbeeldingen dateren uit de 18de eeuw. Een combinatie van deze tekeningen met de kadastrale minuut van 1826 levert het volgende beeld op: de hoofdburcht bestond uit een omgracht terrein met aan de zuidzijde bebouwing. Deze bebouwing bestond uit een L-vormig gebouw van twee bouwlagen boven een kelder, bestaande uit een vleugel evenwijdig aan de zuidzijde en een vleugel aan de oostzijde. Tegen de oostzijde bevond zich over de volle lengte een aangekapte aanbouw van één bouwlaag. De ingang van het kasteel bevond zich in een, in de gracht uitgebouwde poorttoren van twee bouwlagen. De vleugel, haaks op de vleugel met de poorttoren, is later aangebouwd. Waarschijnlijk hebben we hier te maken met twee bouwfasen met een diepe vleugel met een in- en uitzwenkende gevel met haaks daarop een vleugel met een schoudergevel. Bij deze tweede fase hoort ook de aangebouwde poorttoren, die traditionele details bevat. In de binnenhoek bevond zich een lagere keukenaanbouw. Ten zuiden van de hoofdburcht bevond zich de voorburcht, bereikbaar via een brug aan de westzijde. Op deze brug stond een vierkant poortgebouw.